Keer op keer valt mijn oog op het doek, als ik mijn atelier binnenkom. Het staat daar bewust in het zicht, want iets stoort me aan ‘You can start right away’. Ik weet ook wat: die spiraal voelt plots fout. Maar waarom? En vooral: hoe kan ik dit werk dan toch in zijn plooi laten vallen?

Ik neem mijn schetsboek erbij, kijk nog eens goed naar het doek, naar het inspiratiebeeld op m’n moodboard. Pas als ik de titel op me laat inwerken, besef ik waarom de spiraal fout voelt. Die is namelijk vooraan gesloten, op mijn doek. Het lijkt alsof je er al in zit, of je al gestart bent.

Ik weet plots: het perspectief op de spiraaldoolhof moet anders. De kijker moet een uitnodiging voelen, opties hebben.

Met een eenvoudig potlood zet ik in mijn schetsboek een andere versie op, met een ingang links en een ingang rechts. Het lijkt nu alsof je voor de spiraal staat in plaats van er in. Als je links volgt, kom je na ettelijke rondjes in het midden van de spiraal. Een plek om te bezinnen, te overschouwen. Om dan op je passen terug te keren naar het begin en dan via de rechter ingang je weg te kunnen vervolgen, naar de horizon.

Nu klopt het beeld met de gedachte van de titel. Je kùnt nu immers meteen starten, letterlijk rechtstreeks verder, als je kiest voor de rechter ingang. Efficiënt en doelgericht. Of je neemt links eerst de lange, cirkelende weg naar het midden, om onderweg goed te overwegen waarom je dit doet en waar je uiteindelijk wil geraken. Een keuze voor ‘onderweg’ zijn.

Het is nu duidelijk: het doek moet gedeeltelijk een make-over krijgen.

Maar wat voelt het even later spannend als ik met acrylverf in een diep sepia alle sporen van de eerdere spiraaldoolhof bedek. Er is geen weg terug nu. Maar net zo goed: er is altijd een weg voorwaarts. Stel dat ik de mist inga, dan begin ik gewoon nog eens opnieuw.

Een dag later breng ik op de nieuwe donkere laag de aanzet aan van de spiraal, met wit pastelpotlood. Een goede keuze, blijkt, als ik vaststel dat de vorm toch nog niet zit zoals ik wil. Wegwassen wat niet goed zit, dan maar. Even later ben ik er toch voldoende tevreden mee en besluit om de vorm ‘definitief’ te vatten in crème-witte acrylverf.

Het geeft een fijn gevoel om lijn na lijn, stukje bij beetje, een andere wending te geven aan dit werk.

Nu het witte spiraal ‘geraamte’ erop staat, is de grootste druk er af en kriebelt het om te verfijnen. Eerst geef ik blauwige schaduwen aan de boordstenen, wat meteen al voor meer diepte zorgt. Dan volgen – net als in de eerdere versie – toetsen zachtroze en oranje, waardoor de stenen ook wat levendiger ogen. Ik sluit af met een zacht-witte waas over de donkere ondergrond, gedept met een eerder droog sponsje.

Dag 3 van de make-over. Ik voel dat het beeld nu op zich wel klopt maar toch nog wat bijkomende keuzes vraagt. Ik stel me de vraag: gaat het om een ‘maagdelijke’ spiraal of gingen anderen de kijker al voor in een keuze naar links of rechts. Ik besluit voor de tweede optie te gaan. Met een grijzig blauw schilder ik voetstapvormen, die ik daarna echter te druk vind en ook te kinderlijk. Met droog sponsje maak ik ze vager en breng op dezelfde manier ook verderop in de spiraal wat voetspoor-suggestie.

Nog steeds rest er een vaag gevoel van twijfel. Is dit nu hoe het hoort te zijn?

Ik vind het zelf alvast fel verbeterd maar toch blijft er iets waarop ik mijn vinger niet kan leggen. Maar ik ben er klaar mee, nu. Het mag zo aan de kant, uit het zicht. Tijd voor nieuw werk, in de ‘Dream’ reeks.

1 gedachte over “Een andere wending”

  1. Moedig Leen om je werk helemaal opnieuw te maken. Ik geloof niet dat ik zoiets ooit heb gedaan.
    Ik kan je goed volgen in je overwegingen, de spiraal te dicht om in te stappen.
    Mooi werk hoor, mijn oog trekt naar het paadje naar de horizon.Daardoor weet je dat er een uitweg komt.

Reacties zijn gesloten.

Scroll naar boven